De Terebinth
Vereniging voor Funeraire Cultuur
 
Dit is deel 4 uit een serie over ‘Het belang van samenhang”, een serie over religieus erfgoed in het kader van Jaar van het Religieus Erfgoed.

Het belang van samenhang
Begraafplaatskapel Breda (Bavel)



Het huidige jaar van het religieus erfgoed gaat niet alleen over religieuze gebouwen, maar ook over de daarmee samenhangende elementen als tuin, park of begraafplaats, pastorie, kapel of school. In deze serie ligt de nadruk op het funeraire aspect van het religieuze erfgoed.

Bavel verloor zijn zelfstandige status in 1997, toen Breda het dorp annexeerde. Maar de parochiekerk van Maria Hemelvaart aan de Kerkstraat domineert nog steeds het oude centrum van het voormalige dorp. De neogotische kerk is in 1888 gebouwd naar een plan van architect J.J. van Langelaar. De oorspronkelijke middeleeuwse kerk, die iets verderop lag, is toen afgebroken. De begraafplaats bleef op de oude plaats gehandhaafd. Om de plek te markeren waar de toren van de oude parochiekerk stond, is een neogotische begraafplaatskapel annex lijkenhuisje gebouwd, vermoedelijk eveneens naar ontwerp van J.J. van Langelaar. De lage muren die de dodenakker gedeeltelijk omringen, zijn opgetrokken uit bakstenen van de afgebroken kerk.

Kapel
De kapel heeft een rechthoekige plattegrond. De muren zijn opgetrokken in schoon metselwerk, het zadeldak is gedekt met leien. Aan de voorkant heeft de kapel een met een pinakel bekroonde topgevel, waarin een muuropening met spitsboog. Deze gevel is er gezien de afwijkende steen, kleur en uitvoering later voorgezet, vermoedelijk in het interbellum. Inwendig is nis voorzien van een schildering van Christus aan het kruis, geflankeerd door Maria en Maria Magdalena, daarboven de tekst ‘Ego Sum Resurrectio et Vita’ en in de spitsboog een tafereel rond het sterven van Christus. De schildering is door Jan de Koning gerestaureerd en voorzien van de datum 24 juni 1990. In de beide zijgevels een kleine hooggeplaatste muuropening met keperboog, in de achtergevel een eenvoudige rechte deur. Tegen de achtergevel en zijgevels zijn enkele grote 17de-eeuwse zerken geplaatst. Het gebouw, dat op de rijksmonumentenlijst staat, verkeert in gezelschap van een hoeveelheid 19de-eeuwse objecten.
Zoals de afscheiding tussen begraafplaats en straat in de vorm van een lage muur met daarop een hekwerk. Aan deze kant bevindt zich de oorspronkelijke ingang, van waaruit een middenpad naar de kapel loopt. In de beide grafvakken ter weerszijden van dit pad bevinden zich heel wat graftekens uit de tweede helft van de 19de eeuw. Links van de kapel staat een prachtige oude treurbeuk.

Bijzonder cultuurlandschap
De afstand tussen de H. Hemelvaartkerk en de begraafplaats is zodanig dat kapel en kerk visueel zijn verbonden. De situering van de kapel verwijst naar de afgebroken middeleeuwse parochiekerk, de zerken tegen de gevels zijn funeraire getuigen van de 17de eeuw. Het oudste deel van de begraafplaats met grafmonumenten, kapel en treurbeuk vertegenwoordigt de 19de eeuw. Dit alles bij elkaar vormt een bijzonder cultuurlandschap van provinciaal belang.

Rita Hulsman


Home