De Terebinth
Vereniging voor Funeraire Cultuur  
 

Verdieping van uitvaart is nodig

Piet van den Akker (1943, sociaal demograaf en socioloog) is een expert op het terrein van terminale zorg, uitvaart en verliesverwerking. Aanleiding voor ons gesprek is zijn recent verschenen boek De dode nabij.

Wat versta je onder kwaliteit van de uitvaart?
Nabestaanden hebben verwachtingen van de uitvaart, en de mate waarin deze daaraan voldoet, zegt iets over de kwaliteit. De uitvaart is waar het om draait. Maar let op: wat eraan vooraf gaat, is ook belangrijk. Denk daarbij aan zelf afleggen, thuis opbaren en vooral de wijze waarop het regelgesprek plaatsvindt. Uitvaartverzorgers evalueren na afloop steeds vaker of de uitvaart aan de verwachtingen voldeed en wat blijkt? Het cijfer is steeds negen-komma-zoveel. Ik vind dat je met dat hoge cijfer moet uitkijken. Nabestaanden hebben psychisch weinig ruimte om toe te geven dat de uitvaart niks was. Als je onderzoekt wat deelnemers op afstand van de overledene van de uitvaart vonden, - collega’s van het werk bijvoorbeeld -, dan blijkt men wel degelijk kritiek te hebben. Het waarderingscijfer voor de uitvaart hangt mede af van de positie ten aanzien van de overledene.

Bij kritiek op de kwaliteit van de uitvaart, waar moet ik dan aan denken?
In het regelgesprek met de nabestaanden moet de uitvaartverzorger op drie zaken letten. Wie was de overledene en wat betekende hij of zij voor de omgeving? Het derde punt betreft de meer inhoudelijke vraag naar hoe de persoon in het leven stond. Dat gaat dus over levenshouding, levensopvatting en over levensovertuiging in godsdienstige zin. Dit laatste punt krijgt momenteel te weinig aandacht. Door de steeds grotere nadruk op het persoonlijke in de uitvaart en op de actieve rol die nabestaanden willen spelen, dreigt een zekere vervlakking, omdat de aandacht voor de levenshouding kans loopt onder te sneeuwen.

Geef eens voorbeelden?
Vroeger zeiden de nabestaanden tegen de uitvaartondernemer ‘doet u maar wat te doen gebruikelijk is’. Het aanbod in de uitvaart bepaalde de vraag. Nu dient de eerste vraag te zijn: ‘Wat willen jullie als familie tot uitdrukking brengen?’. Daarbij komen de bekende opties op tafel als fluit spelende kleindochter, gedicht voorlezen, zelf kist dichtdoen, luisteren naar zijn lievelingsmuziek enzovoort. Het verhaal dat hij bijvoorbeeld van fietsen en vissen hield, is dan de rode draad. Ik ben van mening dat meer verdieping van de uitvaart wenselijk en ook goed mogelijk is. Ik heb meegemaakt dat na afloop van de dienst de meegebrachte en verzamelde bloemen onder de mensen werden verdeeld om thuis te verzorgen. Zorgzaamheid was een belangrijke waarde waar de overledene in haar leven voor stond. Bovendien werd de herinnering aan haar levend gehouden.

De uitvaart gaat behalve over afscheid ook over rouwverwerking. Wat vind je daarvan?
Ik spreek liever van verliesverwerking. Ook bij verliesverwerking gaat de inhoud vóór de vorm. De balans tussen het afscheid van de dode en de aandacht voor de nabestaanden is in vergelijking met vroeger verbeterd. Verlies, boosheid, verdriet en dankbaarheid, steeds vaker spreken de achterblijvers over hun gevoelens. Ik hoorde het verhaal dat bij de uitvaart van een echtgenoot twee linten werden uitgelegd: een blauw lint symboliseerde de levensloop van de overledene, een rood lint was symbool van de liefde tussen de echtelieden. Aan het einde van de dienst werd de weduwe uitgenodigd het blauwe lint door te knippen. Het rode werd intact gelaten. Zo werd uitgebeeld dat de liefde tussen deze man en vrouw reikte tot over de grenzen van de dood heen. Ik vind dat een mooie symbolische handeling vol betekenis.

Jannes H. Mulder

Uit: Terebinth, juni 2008

Home