8-03-2008
uit: de Volkskrant, 8 maart 2008
Poëtische dodenakkers

Foto: Marcel van den Bergh/de Volkskrant,
De historische begraafplaats van Klein Maarslag in
Noordoost-Groningen
De teksten op verscholen kerkhoven van Groningen stijgen
uit boven het obligate
Busbedrijf Arriva organiseert bustochten naar graven in
Groningen. Gijs Zandbergen tekende er de mooiste
gedichten op.
Het
beroemdste grafschrift in Nederland luidt:
Hier ligt Poot/ hij is dood.
De regels hebben betrekking op de 18e-eeuwse dichter
Hubert Kornelisz. Poot, en zijn geschreven door de
19e-eeuwse dichter De Schoolmeester. Alleen, het gedicht
is niet op een graf te vinden, maar bestaat slechts op
papier. Het is vooral beroemd geworden doordat het de
inspiratiebron was voor een lange reeks ‘grappige'
grafschriften die Nederlandse auteurs in de loop der
tijden hebben gemaakt, en nog steeds maken, want zolang
de dood op afstand blijft, nodigt hij uit tot humor.
Hier ligt Gerrit Komrij/ Ik denk dat ik omrij.
Maar wat te denken van de volgende regels voor de
gestorven Anje Groot, gemaakt door een onbekende
dichter?
Afgemat door/ hooge jaren/ uitgeteerd door/ ziekte
en pijn, moest zij/ in den grafkuil dalen/ en een prooi
der/ wormen zijn.
Dit grafschrift is wel echt en te vinden op het kerkhof
van het Groningse dorpje Leermens, waar Anje Groot haar
laatste rustplaats kreeg. Waarschijnlijk, zegt Reint
Wobbes, bestuurslid van de stichting Oude Groninger
Kerken, heeft Anje Groot, net als veel mensen in haar
tijd, een paar moeilijke laatste jaren gehad, en wilde
men dat memoreren.
Groningen heeft wat met doden en begraafplaatsen.
Verspreid door de provincie liggen er in het landschap
tientallen oude kerkhoven verscholen. Soms bij een
verlaten kerkje, soms staan ze op zichzelf. In die
gevallen kan zelfs het complete dorpje verdwenen zijn,
zoals bijvoorbeeld het kerkhofje in Klein Maarslag, dat
slechts te bereiken is via een doodlopend
boerenweggetje.
Meer dan elders in Nederland nemen in Groningen
kerkhoven een bijzondere plaats in. In de eerste plaats
is er de vele symboliek op de oude grafstenen. Talloos
zijn de afbeeldingen van omgevallen eiken, korenaren,
vlinders, slangen, doodshoofden en botten, die leven,
dood, vitaliteit of de cirkelgang van het leven
verbeelden, dan wel de lezer tot nederigheid manen. Wat
u hier ziet liggen, overkomt u straks ook!
Daarnaast zijn er de teksten op de stenen, die
uitstijgen boven het obligate Rust Zacht. Soms geven ze
een samenvatting van het leven van de overledene. Zoals
over Otto Meijer in 1921 in Muntendam:
O! wat is een mensch op/ aard, werken, zwoegen/
vroeg en laat, want hij/ was het werken nimmer/ moe. Tot
aan zijn laat-/ste adem toe, al was/
't ook koud of nat, hij/ was toch bij het pad.
Soms is er een glimp van de doodsoorzaak. Willem de Boer
uit Obergum werd op 12 januari 1914 doodgestoken toen
hij bij een caféruzie om een meisje bemiddelde:
‘Altijd vlijtig werkzaam zorgen/ was hij ons een
lieve zoon/ Maar ach hoe onverwachts/ kwam hier de dood/
door mensenhand was het/ in ene ogenblik beslist/ hoe
node hij door ons/ ouders kon worden gemist.'
Soms zijn ze berustend, soms boos. Eltjo Siemens uit
Finsterwolde werd in 1929 tijdens een staking door de
marechaussee doodgeschoten:
‘Het smart'lijk offer/ hier gebracht, zal als een
bitt're/ naklank klijven/ aan 't loongeding/ als droeve
klacht. Ten allen tijd ge-/ boekstaafd blijven.'
Let ook op de afbrekingen, waaruit de praktische inslag
van de Groninger spreekt, want een regel aanpassen is
soms een eenvoudiger oplossing dan een bredere zerk.
Op 15, 22 en 28 april organiseert busmaatschappij Arriva
in samenwerking met de stichting Oude Groninger Kerken
drie bustochten langs de Groninger kerkhoven, onder de
de noemer Tour de Cimetières. Er gaat een
begeleider mee, die bij elk kerkhof vertelt over de
historie en de gemeenschap, want een kerkhof in
Groningen is meer dan een dodenakker.
Zo staat een kerkhof (of stond, als de kerk is
verdwenen) per definitie in het dorp. Daardoor was het
ook een plaats waar ouderen kwamen praten, kinderen
kwamen spelen en tieners kwamen vrijen.
De stichting Oude Groninger Kerken (sinds 1969) nam
aanvankelijk alleen de verlaten kerken onder haar hoede
om ze te restaureren, maar heeft in de loop der tijd ook
de kerkhoven erbij genomen. Dat ging volgens Reint
Wobbes min of meer vanzelf. Van die kerkhoven zijn er
inmiddels een stuk of tachtig gerestaureerd met subsidie
van de overheid en met hulp van vrijwilligers uit de
lokale gemeenschap.
Zij maken de grafstenen schoon, schilderen de teksten
op, en maaien het gras van de kerkhoven, voorzover dat
geen mos is, want de zure grond en de vele schaduw door
de bomen houden het gras tegen. Een bijzonder hobby, het
opknappen van begraafplaatsen. Maar laat dat maar aan de
dorpsgemeenschappen in het Groninger land over, die er
iets gezelligs van weten te maken.
Het zijn stille plaatsen, die uitnodigen tot
contemplatie zonder treurigheid, want op de een of
andere manier brengen ze een soort vredige stemming
teweeg, zonder dat de bezoeker de noodzakelijkheid voelt
te zwijgen of eerbiedig op de paden te blijven.
Dat laatste kan trouwens in veel gevallen niet, omdat er
eenvoudigweg geen paden zijn. Je struint wat rond,
luistert naar de gids, of je leest de grafteksten.
Bijvoorbeeld die op het kerkhof in Veendam (als de
bustocht daar langskomt). Daar staat over Jantje
Hazewinkel:
‘Hier rust, o wandelaar,/ mijn teerbeminde vrouw;/
Zij die mij heeft verzeld/ met liefde, deugd, en trouw,/
Op 't zeemans moeilijk pad/ der woeste, zoute baren;/
Daar is haar ziel verhuisd, en van mij heengevaren./
Haar lijk bragt ik naar hier:/ naar deze doodenakker./
God, hoop ik, maakt mij eens/ aan hare zijde wakker.'
Als de bustocht Veendam bereikt, dan zal de gids vast
vertellen dat schipper Berend Jonker (40) zijn vrouw
Jantje (33) op reis naar Java had meegegenomen, maar dat
zij op 18 januari 1856 onderweg is overleden. Het werd
echter geen zeemansgraf, maar ondergedompeld in spiritus
werd haar lijk mee terug naar huis genomen, waarna zij
weken later thuis werd begraven.
Vijftien jaar later stierf Berend, leert de belendende
grafpaal, ook tijdens een zeereis. Zijn lichaam werd wel
aan de golven prijsgegeven. Dat is wel iets om stil van
te worden.
De busroute wordt georganiseerd op dinsdag 15 en
22 april en op maandag 28 april. De kosten bedragen
37,50 euro, inclusief koffie en koffietafel.
Inlichtingen: 050-5260268 (Harry de Jong, Arriva Touring)
of 050- 3672043 (Tim Smid, stichting Oude Groninger
Kerken).
Literatuur: Marten Mulder, Grafpoëzie van het
Groningerland. Profiel uitgeverij, Bedum. Prijs: 14,90
euro. ISBN 9052943435. |